Met een d of dt? Of gewoon een t?

Met een d of dt? Of gewoon een t?

door | okt 24, 2018 | bloggen, boek schrijven, schrijven, Taal & spelling

Ik ken weinig mensen die staan te stuiteren als het over spelling gaat. Behalve een van de docenten op de Fontys, waar ik studeerde. Hij vertelde altijd vol enthousiasme over werkwoordsvervoegingen, terwijl ik angstvallig het spuugje in de gaten hield dat zich vormde op zijn onderlip tijdens dat vertellen. Dat spuugje kon namelijk onaangekondigd ergens op je desk landen als je vrij vooraan zat. En daar zat ik dus meestal.

We hebben allemaal wel herinneringen aan de spellinglessen. Helaas hebben die herinneringen meestal niets te maken met de spellingsregels. En dat is best jammer: helemaal als je jezelf als ondernemer online bloggend en postend profileert, of juist heel hard werkt aan een manuscript voor een boek.
In dit blog vertel ik je de regels voor de d’s en t’s.

Spelling: de regels voor t’s d’s en dt’s

Er zijn 3 factoren die een rol spelen.
1: Het type woord. De regel geldt namelijk alleen maar voor WERKwoorden. Dat zijn woorden als: vinden, helpen, wonen, denken, laten, raden, laden. Een werkwoord geeft aan dat er iets gedaan wordt.
Het hele werkwoord eindigt, zoals je ziet, altijd op ‘en’: wonen, denken, enz.

2. De bepalers: dat zijn zij die bepalen er een t, d of dt gebruikt moet worden.
Ik, jij (of je), hij (of zij), wij (of we), jullie en zij: dat zijn degenen die bepalen of er een d, t of dt gebruikt moet worden Zij doen dat, samen met nog wat anderen: denk aan het boek, de juffrouw of Sinterklaas. De bepalers dus. Bepalers zijn ik en anderen dan ik. 
Om te bepalen of er een d, t of dt moet worden geschreven, ga je altijd uit van de ik-vorm van het werkwoord. Als het gaat om denken, is de ik-vorm: ik denk. De ik-vorm is altijd het hele werkwoord zonder ‘en’. Dat noemen we ‘de stam
Soms wordt de stam iets aangepast, vanwege de klank: hele werkwoord is wonen, stam is niet won, maar woon. Ik woon.

Terug naar de bepalers, anders dan ik –> dus: jij (of je), hij (of zij), wij (of we), jullie en zij.
Achter ‘jij’ komt ook de stam, maar dan met een t daarachter:
Vinden: Ik vind (stam) – Jij vindt (stam + t)
Dus:
Jij vindt, jij helpt, jij woont, jij denkt, jij laatt, jij laadt, jij raadt. Maar laatt is natuurlijk laat. Als er al een t staat hoeft er niet nog een achter. Da’s fijn.
Voor ‘hij’ en ‘zij’ geldt precies hetzelfde als bij ‘jij’: hij vindt, zij helpt, woont, denkt, laat, laadt en raadt.
Soms heb je geen hij/zij/jij maar iemand of iets anders dat het werkwoord doet, zoals Sinterklaas, de juffrouw en het boek. Dus: Sinterklaas raadt meteen het juiste aantal. Of: Het boek bepaalt het juiste antwoord. Sinterklaas en het boek zijn een ‘ander iemand’ en een ‘ander iets’. Hiervoor gelden dezelfde regels als voor jij/hij/zij: stam + t.
Wij, jullie en zij (meervoud) krijgen altijd het hele werkwoord.
Alleen jij/hij/zij en ‘een andere ander dan ik’ krijgen dus een t achter de stam.

3. De plaats van de bepaler in de zin.
Het wordt iets lastiger als de jij/hij/zij achter het werkwoord staat. Soms komt er dan geen ‘t’ achter de stam. Hoe weet je dat? Door het werkwoord heel eenvoudig te vervangen door het werkwoord ‘lopen’.
Laad of laadt je de vrachtwagen even in?
Loop of loopt je de vrachtwagen even in?
Ook opgelost.
Oké, maar wat als er staat ‘je broer’? Dat staat er ook je achter het werkwoord.
Zelfde oplossing:
Loop of loopt je broer de vrachtwagen even in?

Wanneer schrijf je -dde of -tte?

Nog een vraag. Hoe zit het dan met dubbel d-e? Of dubbel t-e? Waarschijnlijk zegt je dat ook nog iets.
Ook daar worden regelmatig fouten gemaakt.
Als je schrijft in de verleden tijd, dus je schrijft over iets wat gisteren gebeurde, of zeven jaar geleden, of tien minuten geleden, ga je ook uit van de stam. Van de voorbeelden: branden, raden, laten, blijven, zingen en dansen, is de stam: brand, raad, laat, blijf, zing en dans.
Als het verleden tijd wordt, krijg je
– óf een klankverandering: blijf – bleef & laat – liet & zing – zong
– óf een extra ‘de’ of ‘te’ achter die stam
Brand – brandde & raad – raadde & dans – danste

Is het: ‘hij heeft gedansd’ of ‘hij heeft gedanst’?

Dan is er vaak nog een d-t-vraag die opspeelt bij ge-, her, be-, ont- en ver- woorden: de voltooid deelwoorden genoemd.
Opnieuw het voorbeeld van: branden, raden, laten, blijven, zingen, dansen
Als je in een zin een voltooid deelwoord gebruikt, staat er ook altijd nog een hulpwerkwoord ergens in de buurt, en dat zijn de woorden als zullen, worden, blijven, blijken, lijken, schijnen, heten, dunken en voorkomen.
Dus:
Ik heb me verbrand – hij heeft zich verbrand
Ik heb het geraden – hij heeft het geraden (makkelijk!)
Ik heb het maar gelaten
Ik ben gebleven
We hebben gezongen
We hebben gedansd of is het gedanst?

Regel: je krijgt een t als de laatste letter van de stam in ’t f o k s c h a a p staat. Dus is die laatste letter een t, f, k, s, c, k, of een p: dan schrijf je een t. Dansen – dans – s staat erin, dus een t: gedanst.
Staat de laatste letter van de stam er niet in, dan schrijf je een d.
Dus ‘ik heb gedanst’, ‘wij zijn verhuisd’, ‘hij is verbaasd’ (want de stam bepaal je door en van het hele werkwoord te halen. In dit geval: de stam van verbazen wordt verbaaz, de z staat niet in ‘t fokschaap en dus schrijf je ‘hij is verbaasd’ met een d.
(Nog een tussen haakjes: let ook op de klank: fix klinkt als fiks, de s staat erin, dus schrijf je ‘gefikst’.)

Ja, het klopt. De Nederlandse spellingsregels zijn niet heel gemakkelijk. Maar als je volgt wat hierboven staat, moet het toch goed gaan.

Tips voor schrijvers en bloggers

– Vergis je niet in de spellingscontrole van Word op de computer. Die kan foutieve vervoegingen goedkeuren, omdat het woord an sich goed geschreven is. Met andere woorden: deze kan dus gewoon foutjes in je tekst laten staan.
– Google is ook geen oplossing. Google geeft in de zoekresultaten teksten weer die geschreven zijn door mensen, en laat je dus ook fouten zien als zoekresultaat.
– Bookmark wel de volgende website: Woordenlijst Daar staan alle werkwoordvervoegingen gewoon in.
– Kom je er nog niet uit, dan herschrijf je de zin om het probleem te omzeilen.
– Oefen de regels door eerder geschreven teksten van jezelf na te kijken.
– Let een periode heel bewust op alle teksten die je schrijft om jezelf te trainen de regels goed te gebruiken.
– Laat teksten liefst altijd nakijken door iemand die verstand heeft van zaken. Wanneer je lang met een tekst bezig bent, kun je blind worden voor je fouten. Let erop dat degene die het naleest ook écht verstand van spelling heeft. Vaak roepen mensen het wel, maar hoeft het niet per se waar te zijn.

Schrijf je boek om je als expert te laten zien?

Schrijf je als ondernemer een boek of e-book dat je zelf uitgeeft? Dan is dat heel slim bedacht. Doe dat ook zeer zeker. Maar laat je boek wel nalezen door een professional. Regelmatig kom ik boeken en ook e-books tegen die opvallend meer fouten in zich hebben dan gemiddeld. En dat is zonde. Als je een boek schrijft om jezelf als expert te profileren, dan draagt een correcte spelling toch bij aan je visitekaartje.

Dat gezegd hebbende: een boek zonder fouten, is volgens mij nog nooit geschreven. En natuurlijk is het zo dat niet iedereen alle fouten ziet. Toch een fijne troost. En foutjes die alsnog ontdekt worden, kunnen altijd in een volgende druk worden aangepast 🙂
Over blind zijn voor fouten gesproken: lees dit artikel in het NRC (al wat ouder, maar blijft verbazen).

Meer lezen over taal en spelling?
https://www.tekstgericht.nl/taalhulpmiddelen/
https://www.tekstgericht.nl/bedrijfswoordenlijst/
https://www.tekstgericht.nl/10-tips-om-je-blogs-op-fouten-te-checken-voor-je-ze-online-zet/

Mocht je nu bij iemand een foutje tegenkomen, of bij mij, is het dan wel of niet netjes om dat aan te geven? Ik zou het zeker wel doen: op deze manier worden we allemaal scherp gehouden. Je merkt snel genoeg of iemand er wel of niet voor openstaat.

0 reacties

marianne canters coach online ondernemen geldrop-min

Inspiratie op Facebook?

Categorieën

Delen met:

Gratis e-book om je creativiteit te boosten

gratis e-book marianne canters schrijfcoach blogexpert

gratis: mariannes mail

Elke week geprikkeld worden met inzichten die jou als schrijver en ondernemer helpen groeien? Dat kan.
Je hoeft je alleen maar even aan te melden:

Adres

Waleweinlaan 4
5665 CK Geldrop

Contact

Mobiel: 06-42515104
marianne@tekstgericht.nl

Jouw privacy is goed geregeld: 

Privacybeleid

 

Voor meer inspiratie volg je mij op: